Giro d’Italia : Colle delle Finestre

Overgenomen van wielerflits.nl :
In 2005 ontdekte koersdirecteur Angelo Zomegnan deze nog onuitgegeven bergpas. Na een uitgebreide inspectie werd de Finestre geschikt geacht door spektakelman Zomegnan. Het bleek een schot in de roos, want de wielerfan kreeg in de Giro van datzelfde jaar een ijzingwekkende etappe voorgeschoteld. Paolo Savoldelli reed al sinds het einde van de tweede week in het roze, maar werd die dag bestookt door Gilberto Simoni, José Rujano en Danilo Di Luca. De drie reden weg op de Finestre, in een ultieme poging de Giro nog op zijn kop te zetten. Met het verstrijken van de kilometers leek een scenario van Visentiniaanse proporties in de maak, maar uiteindelijk zag Savoldelli zijn rivalen een voor een wegvallen. Pocketklimmer Rujano reed naar zijn moment de gloire, maar ‘Il Falco’ wist zijn roze trui te redden op Sestriére. Hij hield 28 seconden over op Simoni, die nooit meer dichter bij een derde Girozege wist te komen.

De vraag is of we ook dit jaar – na 2005, 2011 én 2015 – vuurwerk krijgen op de flanken van de Finestre. In tegenstelling tot de voorgaande edities, ligt de klim nu een stuk verder van de finish. Met zijn lengte van 19 kilometer en gemiddelde stijgingsgraad van maar liefst 9% – met pieken tot 14% – is het een van de zwaarste beklimmingen in Italië. Wat de Finestre vooral bijzonder maakt, is het tweeledige karakter. De eerste helft loopt over asfaltwegen, het tweede gedeelte gaat over onverhard terrein. De renner die als eerste bovenkomt wint de Cima Coppi, aangezien de Finestre dit jaar het hoogste punt is in deze Giro met 2178 meter.

Overgenomen van nos.nl :
Chris Froome heeft met een zeldzaam huzarenstukje de Giro d’Italia op z’n kop gezet. Hij demarreerde op tachtig kilometer van de aankomst en soleerde naar de finish. Simon Yates, tot vandaag de klassementsleider, zakte door het ijs, Tom Dumoulin behield zijn tweede plaats.

Froome verraste met een aanval op de Finestre, de hoogste beklimming in de ronde. Rozetruidrager Yates was het eerste slachtoffer. Hij kon al snel niet meer volgen en bereikte de top een kwartier na Froome. Zijn achterstand aan de finish? Liefst 38.51.
De alles-of-nietspoging van Froome was ook Domenico Pozzovivo te machtig. De nummer drie van het klassement kon ook niet mee met het eerste achtervolgende groepje (Dumoulin, Thibaut Pinot, Miguel Angel Lopez en Richard Carapaz).
Met 0.45 achterstand op de top van de Finestre was de groep-Dumoulin zeker nog niet geslagen. Maar Froome denderde door en de diesel raakte niet op, ook al was hij aan een solo van tachtig kilometer bezig.
Dumoulin had de pech dat alleen Pinot en de teruggekeerde Sebastian Reichenbach (beiden FDJ) wilden rijden. Carapaz en Lopez, die allebei op jacht zijn naar de witte trui, deden helemaal niets. Pinot ook niet meer, toen duidelijk werd dat hij vijf minuten marge op Pozzovivo had.

Froome begon met 3.20 voorsprong op de groep-Dumoulin aan de slotklim (7,2 kilometer à 9%), gaf amper terrein prijs en pakte ook nog 0.10 bonificatie. Dumoulin werd vijfde achter Carapaz, Pinot en Lopez en staat nu op veertig seconden van Froome.

Giro d’Italia : Monte Zoncolan

Overgenomen van wielerflits.nl :
De veertiende etappe van de Giro d’Italia 2018 belooft vooraf het nodige spektakel. De rit eindigt namelijk op de gevreesde Monte Zoncolan, een van de zwaarste beklimmingen van Europa. Vanuit het kleine Ovaro, zo’n 1800 inwoners groot, stijgt het wegdek in 10,1 kilometer maar liefst 1203 meter, goed voor een gemiddelde stijging van maar liefst 11,9% procent. Van kilometerpaal twee tot en met zes is de stijging zelfs 15,4%. Op zijn steilst is de Zoncolan 22%. Dat punt ligt vier kilometer na de voet; twee kilometer later volgen nog stijgingen van 20%.


 

Overgenomen van nos.nl :

Chris Froome heeft de koninginnenrit in de Giro d’Italia gewonnen. Hij bleef zijn landgenoot en rozetruidrager Simon Yates net voor. Tom Dumoulin verloor in totaal 38 seconden op Yates.

Op 4,2 kilometer van de finish reed Froome weg uit een groepje van negen favorieten (onder anderen Froome, Yates, Thibaut Pinot, Domenico Pozzovivo, Miguel Angel Lopez en Dumoulin), die als enigen konden aanhaken toen Wout Poels gas gaf.

Yates probeerde Froome kilometerslang te achterhalen, maar dat lukte net niet. Dumoulin kwam als vijfde over de finish op 0.37. Mede door bonificatieseconden van Yates is zijn achterstand in het klassement nu 1.24.
Op de eerste klim van de dag, de Monte di Ragogna, ontstond een kopgroep van zeven: Francesco Gavazzi, Enrico Barbin, Valerio Conti, Matteo Montaguti, Jacopo Mosca, Mads Pedersen en Laurent Didier. Zij pakten zes minuten, maar op 6,5 kilometer van de meet werd Conti als laatste ingerekend.

Twee kilometer later ging Froome aan en niemand kon hem nog bijbenen. Hij is de opvolger van Michael Rogers die in 2014 zegevierde op de klim.

Prachtig verhaal: Lotto-duo verstopt zich voor peloton

Overgenomen van Fiets dd 17-mei-2018 :

Op Cyclingweekly staat een opmerkelijk verhaal uit de Giro d’Italia 2018. Tijdens de achtste Giro-etappe maakte Adam Hansen samen met ploegmaat Tim Wellens jacht op de kopgroep, maar dat was tegen het zere been van Mitchelton-Scott. De Australische ploeg ging in de achtervolging, maar daar verzonnen Hansen en Wellens wat leuks op.

Tosh Van der Sande zat namens Lotto-FixAll al mee in de kopgroep en Mitchelton-Scott wilde voorkomen dat Wellens en Hansen het totaal Lotto-renners op drie zouden zetten. Wellens en Hansen kregen Manuel Senni (BMC) mee, maar plots hoorde de BMC-ploegleider dat Senni alleen in de achtervolging reed. “De koersradio meldde plots niets meer over het drietal, maar alleen iets over Senni. Ik dacht dat het peloton Hansen en Wellens had ingerekend.”

De voorsprong van de drie liep niet verder op, waardoor Hansen en Wellens het nutteloze van hun vluchtpoging in zagen. “We dachten: laten we verstoppertje spelen”, vertelt Hansen. We maakten een scherpe bocht naar links en gingen om het hoekje staan. Wanneer het peloton was gepasseerd, stapten we op de fiets en reden we weer in het peloton. Iedereen moest enorm lachen.”

Verbazing

“Ik zei tegen Tim: laten we naar voren rijden en kijken naar die gezichten als ze ons plots zien”, gaat Hansen verder. De mannen van Mitchelton-Scott waren nog altijd hard op kop aan het sleuren, tot ze Wellens en Hansen zagen. “Ze keken naast zich, voor zich uit en weer naast zich. Ze vroegen: ‘waar komen jullie nou weer vandaan?’”

Bijna iedereen kon er om lachen. Bijna, want de mannen van Mitchelton-Scott moesten een flinke inspanning leveren. “Ik deed dat soms in lokale, kleine wielerrondes, maar nooit op dit niveau. Deze mannen moeten wel enorm in vorm zijn dat ze op WorldTour-niveau dit soort geintjes kunnen uithalen. Petje af”, lacht de Canadees Svein Tuft, die in dienst van zijn kopman Simon Yates jacht maakte op de vluchters. “In eerste instantie moest ik niet lachen, maar afzien. Ach, ja. Humor hoort bij wielrennen.”

Pantani slachtoffer van matchfixing

Vandaag in De Limburger, in een artikel over maffiabaas Augusto La Torre :

Zoals meer maffiabazen verdiende La Torre ook geld aan matchfixing. In 1999 had de Camorra veel geld ingezet op concurrenten van Marco Pantani, de grote favoriet in de Giro d’Italia. Toen Pantani in bloedvorm bleek en al dagen in de roze trui rondreed, greep de maffia in. La Torre biechtte later aan justitie op hoe de Camorra dopingartsen had laten omkopen om te rommelen met Pantani’s bloedbuisjes. De renner werd uit de ronde gezet vanwege te hoge hematocrietwaarden.

Volgens Pantani’s moeder is haar zoon de uitsluiting in de Giro in 1999 nooit te boven gekomen. De jaren nadien bleven de resultaten uit, uiteindelijk stierf Pantani op Valentijnsdag 2004 op 34-jarige leeftijd in een hotelkamer in Rimini.